Maandag 24 juni 2019 werd door de Onderwijsraad en de Raad voor Cultuur het rapport Lees! Een oproep tot een leesoffensief gepresenteerd.

Een vervelend én urgent rapport. Hierin wordt onomwonden vastgesteld dat veel jongeren feitelijk met een grote leesachterstand de arbeidsmarkt en de rest van hun leven betreden. En dat van degenen die wél op niveau kunnen lezen een groot deel daar een 'hekel' aan heeft (gekregen).

Lastig én vervelend. Voor een samenleving die staat of valt met burgers die goed en op niveau kunnen lezen. Lezen om in een steeds veranderende samenleving te kunnen schakelen. Burgers die in staat zijn zichzelf gaandeweg te blijven aanpassen.

Diep lezen
In het rapport wordt regelmatig het begrip diep lezen genoemd. Diep lezen is iets anders dan een stuk-je lezen op een scherm. Dan ben je aan het skimmen. Dat kunnen veel jongeren (én volwassenen, maar daar gaat het rapport niet over!)  wél. De hele dag door. 24x7. Maar de samenstellers zetten daar terecht vraagtekens bij.

Onder diep lezen verstaan de raden het voor een langere tijd geconcentreerd lezen, waarbij de samenhang en betekenis van een tekst worden ervaren. De raden onderscheiden diep lezen van vluchtige, oppervlakkige vormen van lezen, die gericht zijn op het vaststellen van de kern van een tekst of voor het zoeken van specifieke informatie. Het onderscheid tussen diepe en oppervlakkige informatieverwerking is gangbaar in de literatuur en wordt ook in verband met lezen gebruikt.

Diepere vormen van informatieverwerking zijn in het algemeen complexer en omvatten een groter aantal cognitieve processen.In het geval van diep lezen zijn dit bijvoorbeeld:
– het leggen van verbanden met wat je al weet;
– je actief een voorstelling maken bij de tekst;
– het trekken van conclusies op basis van inductie en deductie;
– het maken van analogieën;
– het kritisch beschouwen van de tekst;
– het esthetisch beschouwen van de tekst;
– je inleven in de ander; en
– het reflecteren op jezelf en de wereld.

Oppervlakkig lezen is meer beperkt tot basale processen van lezen, zoals het decoderen, begrijpen en selecteren van tekst. Voor deze vorm van lezen worden ook wel andere termen gebruikt zoals skimmen of scannen. Oppervlakkig lezen wordt vaak geassocieerd met het lezen van websites of berichten op sociale media. Ook teksten op papier kunnen echter worden ‘gescand’. Andersom is diep lezen mogelijk van schermen, bijvoorbeeld op e-readers. Diep lezen wordt vaak geassocieerd met het lezen van boeken en verhalen. Maar ook andere teksten, zoals non-fictie, tijdschriftartikelen en poëzie, lenen zich voor diep lezen.

Eén op de vijf, of eén op de acht
In het rapport worden verschillende cijfers genoemd over het aantal jongeren dat laaggeletterd is. Het varieert van 12% (= 1 op de 8) tot 18% (bijna 1 op 5). Zeker is dat het aantal stijgt. Derhalve een oproep. Aan de samenleving, politici en instellingen die 'iets' kunnen doen aan dit probleem. Aanbevelingen om actie te gaan ondernemen.

Helaas wordt in het rapport ook de conclusie getrokken dat er om uiteenlopende redenen aan de stoelpoten is (en wordt) gezaagd van instanties die 'iets' aan het probleem kunnen doen. Natuurlijk zijn er hoopgevende initiatieven, zijn er enthousiaste mensen in hun omgeving bezig, maar tegelijkertijd zijn veel instellingen amper (meer) in staat om écht iets aan het probleem te doen. Die toon straalt het rapport niet uit, maar er wordt wel degelijk gepleit voor meer geld en inzet.

Het rapport is een vriendelijk verzoek aan gemeentes,provincies en rijksoverheid om te stoppen met nog meer bezuinigen op onderwijs en bibliotheken. Een pleidooi om samen met verschillende partijen een 'leesoffensief' te ondersteunen. In het rapport staan drie aanbevelingen:
1. Rijksoverheid: voer een krachtig en samenhangend leesbeleid
2. Uitgeverijen, bibliotheken en schoolbesturen: zorg voor een rijk leesaanbod
3. Scholen en bibliotheken: breng een leescultuur tot stand

Leesbeleid, leesaanbod, leescultuur
Ik kan me niet voorstellen dat iemand het hiermee oneens kan zijn.

De crux is natuurlijk of deze genoemde partijen dit ook willen én vooral kunnen gaan doen. Gaat de rijksoverheid een krachtig en samenhangend leesbeleid voeren? En kijkt ze als ze daarmee aan de slag gaat verder dan de doelgroep (jeugd en jongeren). Komt er substantieel veel extra geld beschikbaar?

Gaan schoolbesturen massaal besluiten om (onderwijs)geld vrij te spelen om in alle scholen bibliotheken te gaan oprichten? Mét deskundig personeel (dat al dan niet gedetacheerd wordt vanuit de lokale openbare bibliotheek)?

Zijn openbare bibliotheken - die de laatste jaren (zeer) sterk zijn uitgekleed, dan wel deels opgeheven - in staat voor een rijk leesaanbod te zorgen? En leesaanbod is meer dan een kast boeken; het gaat ook om deskundige en bevlogen bibliothecarissen die met groepen kinderen aan de slag gaan.

En hoe zit het met jonge mensen die in plattelandsgebieden leven? Daar zijn de laatste jaren alle bibliobussen wegbezuinigd, waardoor ze veel moeite moeten doen om ergens een aantrekkelijke boekencollectie te vinden.

Uitgeverijen worden wellicht enthousiast voor dit plan als de minister met het aanbod komt om het leenrecht voor door leden van de bibliotheek geleende boeken voor haar rekening te nemen én te verhogen. Kost de bibliotheken veel minder adminstratief gedoe en is een mooi gebaar om uitgeverijen over de streep te trekken om mooie en bijzondere boeken te blijven uitgeven. En samen met lokale boekhandels en bibliotheken uiteenlopende activiteiten met en rondom hun schrijvers te gaan organiseren. Binnen en buiten de school. Bijeenkomsten waar jongelui mede kunnen ervaren hoe bijzonder lezen en taal is.

Ouders worden in het rapport ook kort aangestipt. Dat zij een verantwoordelijkheid hebben. Het voorbeeld geven. Mooi gezegd, maar hoe dat gedrag te stimuleren, dan wel 'af te dwingen'. Geen idee.

Zijn we er klaar voor?
Ik weet uit eigen ervaring dat (alle?) bibliotheken, maar vooral bibliothecarissen niets anders zouden willen. Maar maak me grote zorgen of ook maar een flard van wat hier wordt voorgesteld ooit gerealiseerd kan en zal worden.

Verder speelt dat dit rapport vooral inzoomt op jeugd en jongeren. Die zijn natuurlijk belangrijk, maar naar mijn bescheiden mening speelt dezelfde problematiek wel degelijk ook voor 'normale' volwassenen. Te veel organisaties, instellingen, politici en anderen gaan er van uit dat de meeste volwassenen 'klaar' zijn (voor onze complexe samenleving), zichzelf kunnen redden en dat er voor hen niets extra's hoeft te worden gedaan. Ik weet dat dit niet het geval is en zie voor de sector die ik kan overzien (openbare bibliotheken) dat er taken zijn weggelegd. Wellicht iets voor een later stuk(-je).

(dinsdag 25 juni 2019)
Hans van Duijnhoven

Homepage citaten