Foto: Andrew DunnEen wandeling
Onverwachts en ongepland werd ik op Hemelvaartsdag herinnerd aan een filmpje dat ik jaren geleden had gezien en in die tijd meenam in mijn verhalen over de wereld waarin we leven.

Het was op het landgoed van Joop van Caldenborgh, in Wassenaar. Tweeëntwintig hectare groot, vol beelden. Ruim zestig. Die kun je als bezoeker bewonderen, mits je er op tijd bij bent. Een keer per week wordt Beeldentuin Clingenbosch opengesteld voor bezoekers. Alleen op donderdag, in de zomermaanden. De rest van dit jaar is helaas al volgeboekt.

Drie uur lang wordt je in een groepje van vijftien man rondgeleid. Kilometers wandelen, en de gids geeft een summiere toelichting. Dat is geen straf. Joop heeft door de jaren heen een mooie collectie samengesteld. Vooral abstracte kunst, van na de Tweede Wereldoorlog. Bekende en minder bekende namen.

Joop van Caldenborgh is ook dé grote man achter het nabij gelegen Museum Voorlinden; dat deze grauwe Hemelvaartsdag erg veel bezoekers trok.

Een beeld
Op zeker moment kwamen we bij een iconisch beeld van Antony Gormley terecht. Iconisch, want het is een kleine versie van een beeld dat in zijn geboorteland in Gateshead (Schotland) staat. Angel of the North. Twintig meter hoog, gemaakt van cortenstaal. In de leader van de detective-tv-serie Vera komt dit beeld altijd in een flard voorbij.

In Beeldentuin Clingenbosch staat een versie met een spanwijdte van (schat ik) twee meter lang, en anderhalve meter hoog. Anthony Gormley maakt als beeldhouwer beelden waarin (bijna altijd) een staande man is ‘opgenomen’. Een man die staat, die érgens voor staat. Zelfbewuste mannen. Die weten wie ze zijn, en waar ze voor en tegen zijn. Klinkt raadselachtig, maar als u gaat googlen op plaatjes zult u begrijpen wat ik probeer te zeggen. Die staande mannen kwam ik jaren geleden in een filmpje tegen. Op dat moment kende ik hem nog niet, maar ze vielen in het filmpje wél op. Dus ging ik op zoek naar de maker.

In diezelfde tijd nam een collega me na afloop van een vergadering mee naar Enkhuizen en liet me een andere Anthony Gormley zien. Dit keer geen staande man, maar een zittende. Die overduidelijk aan het poepen is. Het beeld heet: Exposure. Opmerkelijk? Tja, wel als zo’n beeld vijfentwintig meter hoog is.

Foto: David Wilson Clarke

De MBA Oath
In de nasleep van de grote financiële crises (meervoud) van 2007 en 2008 besloten enkele Amerikaanse MBA-studenten aan het einde van hun studie vrijwillig een eed af te leggen. Daarin beloven ze dat ze zullen proberen om in de rest van hun professionele leven eervol te (blijven) handelen.

De MBA Oath was in 2010 overduidelijk een reactie op wat er in de jaren daarvoor door andere (voormalige) MBA-studenten was gedaan. Die gingen kort door de bocht alleen voor hun eigen gewin en hadden volstrekt lak aan het feit dat ze door hun handelen anderen, de aarde en het nageslacht zwaar benadeelden.

In 2011 werd van deze MBA Oath een filmpje gemaakt. Dat ontdekte ik in de tijd dat er kritische boeken verschenen over de manier waarop we ons economisch systeem hebben opgetuigd.

Het bekendste voorbeeld uit die tijd werd geschreven door vader en zoon Skidelsky, twee Britse economen: Hoeveel is genoeg? Het was ook de tijd dat het jaarthema van de samenwerkende Noord Oost Brabantse Bibliotheken Echte waarde(n) was.

Artikel: Normaal? - Pompjes laten ontwerpen die te veel zeep afgeven zodat mensen er meer van gebruiken. (april 2013) en Lipjes getuit, borstjes vooruit of ergens voor staan (juni 2013)

 

This year
More than 150.000 students will earn their MBAs
They will be leaders of firms and industries
But what kinds of leaders will they be?
What kind of leader will you be?
What will you stand for?
What will you stand against?
When will you take a stand?

I will lead will integrity
I will manage in good faith
I will uphold the letter & spirit of the law
I will oppose corruption
I will act with justice to all
I will be honest about the risks we face
I will invest in myself and my profession
I will take responsibility for my actions
I take this oath freely, and upon my honor

The MBA Oath Create real value

Het wrange van dit filmpje is dat je toen ook al dagelijks voorbeelden van de krantenpagina's kon plukken dat niet alle leidinggevenden zich naar de letter, noch geest van dit filmpje en deze eed gedragen. Sterker: hun gedrag staat daar volstrekt haaks op. Ze creëren geen real value; eerder het tegendeel.

Moreel gedrag
Maar - terug naar Anthony Gormley - het filmpje is in mijn ogen nog steeds een mooie manier om werk van Anthony Gormley te leren waarderen; én een prima manier om uit te leggen wat er aan veel huidige leiders scheelt en schort.

Dat ik aan dit filmpje dacht, toen ik een beeld van Anthony Gormley zag, is evident, maar heeft ook te maken met een recent gelezen/verschenen boek. Van Oliver Bullough. Deze Journalist beschrijft in Moneyland : een zoektocht naar het verborgen geld van de superrijken en de multinationals een wereld waarin mensen rondlopen die zeker geen MBA Oath hebben afgelegd. Niet alleen de bewoners van dit relatief kleine land, maar evenmin de honderdduizenden mensen die hen helpen om in dit fictieve land te mogen wonen. Inwoners én ‘helpers’ doen in Moneyland ‘dingen’ die volgens ‘de wet’ mogen, maar waar je als 'gewoon' burger op z'n minst vraagtekens bij kunt zetten. In hun wereld mag 'alles' tenzij het expliciet verboden is; de rechter er geen stokje voor steekt. In het echte leven draait het om meer, vaker om hoe ‘iets’ hoort. Of het past. Of het bij de moraal van een samenleving of tijd(geest) aansluit.

Joris Luyendijk had het er in zijn ontluisterende Dit kan niet waar zijn : onder bankiers ook over. Het verschil tussen amoreel en immoreel gedrag.

Buitenhof, zondag 2 juni
Zondag 2 juni ging het in Buitenhof ook over dit onderwerp; alleen werd niet gerept van de MBA Oath, noch kwam Oliver Bullough voorbij. Wel zag je aan tafel zo’n helper zitten. Een gerespecteerd man, hoogopgeleid; die zonder enige twijfel bedrijven helpt om legaal belasting te ontlopen. En daartegenover een politicus die probeert wetgeving aan te passen zodat bedrijven en hun helpers minder kansen overhouden om belastingaangifte richting nul terug te brengen. Ook een politicus die inmiddels begrijpt dat het weinig zin heeft om een beroep te doen op de moraal van grote bedrijven en bewoners van Moneyland. Alleen strenge(re) wetgeving, liefst op europese of mondiale schaal, helpt.

LAM
In hetzelfde weekend bezocht ik nog een ander museum; in dezelfde regio. In Lisse staat sinds begin dit jaar een nieuw museum. In de nabijheid van Keukenhof. In het park heeft Jan van den Broek een nieuw museum laten bouwen; er zijn collectie in ondegebracht. Ook in het LAM kun je niet zomaar naar binnen. Je moet van tevoren een tijdslot reserveren. Per uur worden maximaal acht bezoekers toegelaten. Bedoeld om te voorkomen dat het té druk wordt en er geen interactie kan ontstaan tussen jezelf en de suppoosten. Die suppoosten spelen een belangrijke rol. Zij spreken je als bezoeker aan, stellen vragen en geven op verzoek informatie over de tentoongestelde werken. Aan de muur hangen geen naambordjes.

Alle werken hebben ‘iets’ te maken met voedsel en de wereld van de supermarkt. Opmerkelijk? Terecht! Jan van den Broek is als supermarktondernemer immers rijk geworden met de Dirk-keten. Los van de collectie is het een prachtig gebouw, dat in een mooi park ligt. Hoogtepunten zijn wat mij betreft de twee etages hoge (supermarkt)schappen, waar op zestien lange planken duizenden in wit terracotta uitgevoerde levensmiddelen staan uitgestald. Het is een kunstwerk van een Israëlische kunstenaar die zo laat zien welke spullen hij in één jaar heeft geconsumeerd: groente, fruit, brood, flessen, bakjes friet, ijsjes. Een feest der herkenning. Hij drinkt trouwens opvallend veel (flessen) wijn.

Verder staat er op de een van de drie etages een groot werk van de Nigeriaans-Engelse kunstenaar Yinka Shonibari. Een feesttafel vol feestelijke levensmiddelen (wild, vissen, champagne) voor rijke mensen. Allemaal gekleed in feestelijke gewaden. Gewaden gemaakt van Vlisco-stoffen. Vlisco, daar heeft Yinka Shonibare iets mee. Vlisco-stoffen die in Helmond worden gemaakt en vooral in Afrika erg gewild zijn. Je kunt om dit feestmaal, annex orgie heen lopen. Erg belangrijk, want dan kun je zien wat die ‘hoge’ dames en heren achter de feesttafel met elkaar uitspoken.

Artikel: Kijken, kijken, niet eten: in het nieuwe Lisser Art Museum zou je (haast) overal je tanden in willen zetten (VK, januari 2019) en Yinka Shonibare - Kunst is de bodem van de taart en niet de kers op de taart (december 2016)

Wat te doen met téveel geld
Ik haal het LAM hier ook naar voren omdat het aansluit bij een debat dat de komende jaren naar mijn mening steeds nadrukkelijker gevoerd zal worden. Is het terecht dat rijke mensen zó rijk zijn, blijven of worden. Oliver Bullough maakt zich in zijn Moneyland weinig illusies. De mensen die daar wonen zijn vooral met zichzelf bezig en hebben niet het idee dat ze ‘hun’ rijkdom met de rest van de samenleving moeten delen.

Joop van Caldenborg en Jan van den Broek zijn voorbeelden van rijke mensen die ‘iets’ terug doen. Ze ‘gaven’ de Nederlandse samenleving een museum. Toe maar! Andere rijke Nederlanders dragen als filantropen op hun manier bij aan wetenschappelijk onderzoek, richten een fonds op om ‘iets’ te doen aan de armoede in de wereld of … Het debat dat de komende jaren wellicht gevoerd zal worden is of dit voldoende is. En of het terecht is dat iemand zó rijk kan worden, zijn of blijven.

Zevenenveertig miljard extra?
Op vrijdag 31 mei schreef economisch columnist Peter de Waard een column in De Volkskrant (Is de vennootschapsbelasting een gotspe?) die hier bijna naadloos bij aansluit. Een column die zeker gefactcheckt moet (en waarschijnlijk zal) worden.

Hij somt getallen op die onvoorstelbaar groot lijken; en mits waar, voor veel ophef zullen zorgen. Hij stelt dat als alle grote bedrijven ‘gewoon’ vennootschapsbelasting zouden betalen er jaarlijks zevenenveertig (47!) miljard euro extra binnen zou komen.

Met dat geld zou de Tweede Kamer zelf kunnen besluiten om (zeg) jaarlijks een nieuw museum te openen. Of een impuls kunnen geven aan fundamenteel onderzoek naar ziekten waar weinig mensen aan lijden. Of onderwijzers en verzorgenden een hoger salaris gaan uitbetalen.

Prima dat rijke mensen filantropische oprispingen hebben. Mooi, maar wellicht is het vanuit democratisch oogpunt 'beter' als we het aan volksvertegenworodigers overlaten om dit soort beslissingen te nemen. Voorkomt dat we (bijvoorbeeld) miljarden uittrekken aan raketten om mee naar Mars te vliegen; terwijl er op aarde nog steeds problemen zijn die iets urgenter lijken.

MBA Oath Revisited
Bijna tien jaar nadat voor de eerste keer de MBA Oath werd afgelegd lijkt het er sterk op dat het geen succes is geworden. Je hoort er zelden meer over. Critici deden en doen het af als retoriek. Mooie woorden, voor de bühne maar in de praktijk draait het bij de meeste leidinggevenden nog steeds om korte termijn én eigen belangen. Jammer, want in de kern is er niks mis mee. Hieronder de vertaling van de Engelse eed.

Als zakelijk leider erken ik mijn rol in de samenleving.

Mijn doel is om mensen te leiden en middelen te beheren om waarde te creëren die niemand afzonderlijk alleen kan creëren.

Mijn beslissingen zijn van invloed op het welzijn van individuen binnen en buiten mijn onderneming, vandaag en morgen. Daarom beloof ik dat:

* ik mijn onderneming met loyaliteit en zorg zal beheren, en mijn persoonlijke interesses niet ten koste van mijn onderneming of maatschappij zal bevorderen.
* ik de wetten en contracten die van toepassing zijn op mijn gedrag en die van mijn onderneming, in letter en geest zal begrijpen en handhaven.
* ik af zal zien van corruptie, oneerlijke concurrentie of bedrijfspraktijken die schadelijk zijn voor de samenleving.
* ik de mensenrechten en de waardigheid van alle mensen, die door mijn onderneming worden getroffen, zal beschermen en ik me zal verzetten tegen discriminatie en uitbuiting.
* Ik het recht van toekomstige generaties zal beschermen, om hun levensstandaard te verbeteren en hen te laten genieten van een gezonde planeet.
* Ik de prestaties en risico's van mijn onderneming accuraat en eerlijk zal rapporteren.
* Ik zal investeren in de ontwikkeling van mezelf en anderen, het managementberoep zal helpen om zich te blijven ontwikkelen om duurzame en inclusieve welvaart te creëren.

Bij het uitoefenen van mijn professionele taken volgens deze principes, erken ik dat mijn gedrag een voorbeeld van integriteit moet zijn en vertrouwen en waardering moet wekken bij diegenen die ik dien. Ik zal verantwoording blijven afleggen aan mijn leeftijdsgenoten en de samenleving voor mijn acties en voor het handhaven van deze normen. Deze eed doe ik vrij en op mijn eer.

(zondag 2 juni 2019)
Hans van Duijnhoven

Homepage citaten