Podcasts, alom aanwezig
Tegenwoordig heeft bijna elke krant, tijdschrift of online platform een of meerdere podcasts in de aanbieding. Tijdens een soort radioprogramma kun je over zeer uiteenlopende zaken bijgepraat worden.

Lex Bohlmeijer
Ook het journalistiek online platform De Correspondent heeft de smaak te pakken. Sinds 2013 maakt oud-radioprogrammamaker Lex Bohlmeijer regelmatig een aflevering. Daarin staat altijd een interessante gast centraal. In drie kwartier krijg je een aardig beeld van die persoon en zijn of haar werk. Ik beluister ze helaas zelden, want het kost té veel tijd.

Luisteren kost tijd
Een nadeel van een podcast is dat je tijdens het beluisteren amper iets anders kunt doen. Behalve strijken of afwassen. Maar een boek of de krant lezen gaat niet. En een koptelefoon (op de fiets) vind ik een onding. De laatste jaren maken veel meer mensen die voor De Correspondent werken ook regelmatig een podcast. Die ik helaas ook aan me voorbij moet laten gaan. Net zo als duizenden andere, die door veel meer mensen op andere plekken met de beste bedoelingen worden gemaakt.

Al die podcasts dragen vooral bij aan het gevoel - nee: beter het weten - dat er veel té veel relevante, leuke, zinnige informatie is. Die je onmogelijk 'allemaal' tot je kunt nemen. Hooguit proberen er af en toe wat van mee te pikken.

Oproep
Ik zou iedereen die podcasts maakt langs deze weg op willen roepen om elke aflevering op te leveren met op de website een transcript van de podcast. Dat kost natuurlijk tijd, maar zou mij en veel anderen helpen. En - nog een voordeel - daardoor worden ze ook beter toegankelijk. Google en andere zoekmachines indexeren met veel plezier teksten.

Helaas zie ik zelden transcripts. Da's jammer.

Joke Hermsen
Afgelopen zaterdag werd een nieuwe podcast op De Correspondent geplaatst: Maak een einde aan de tirannie van het tijdgebrek, betoogt deze filosoof. Lex Bohlmeijer sprak 48 minuten met schrijver en filosoof Joke Hermsen. De aanleiding was haar nieuwste boek-je: Het tij keren : met Rosa Luxemburg en Hannah Arendt. Een pamflet in de reeks Nieuw Licht.

Samen met Brenda Ottjes trekt Joke Hermsen dit voorjaar het land in om over het belang van Hannah Arendt en Rosa Luxemburg te vertellen. Zo spreken zij op donderdag 23 mei op uitnodiging van de bibliotheek in cultuurpodum Groene Engel in Oss. Dus las ik het boekje en was benieuwd naar het gesprek.

Hieronder volgt een transcript van het slot van deze podcast. Zinnen die nauw aansluiten bij de tijdgeest waarin zo op het oog steeds meer mensen voor of tegen iets demonstreren. Bezig zijn met 'het tij keren'.

Fragment van 43:02-47:12

Lex Bohlmeijer:
Wat is dan tot slot in het debat en in de ontwikkelingen, en in de verwarring, en in de ellende soms, dat mensen aan het eind van de maand hun touwtjes niet meer aan het eind kunnen knopen, zoals in Frankrijk nu het geval is, wat is dan nu de taak, de eerste taak van de intellectueel.

Joke Hermsen:
Nou ja, van de intellectuelen weet ik niet, maar van iedereen is: onderwijs onderwijs onderwijs. Daar begint het mee. Kijk als docent. Ik geef lezingen door het hele land (LB: Dat is een soort onderwijs). Ik heb ook een kwart eeuw voor de klas gestaan, voor de universitaire klassen, maar ook op middelbare scholen. Ik sta nu tegenwoordig vooral voor zalen, door alle lagen van de samenleving heen. En als het zelfs docenten niet meer lukt om de studenten van de pabo - dus de toekomstige docenten, juffen en meesters - aan het lezen te krijgen, dan hebben we een probleem, Lex.

Dus we moeten het onderwijs, dat is het enige wat we, behalve directe democratie, onmiddellijk kunnen doen is investeren in het onderwijs en het belang laten zien van taal en literatuur.

Op het moment dat de faculteit Nederlands dreigt te worden gesloten aan de Vrije Universiteit, daar zijn we nu aanbeland, dan kun je de democratie ook wel opbergen.
Ook als de geesteswetenschappen van de UVA worden wegbezuinigd en als de studenten, de laatste studenten die daar tegen in protest durven komen  door de burgemeester onmiddellijk op dezelfde dag gearresteerd worden, in een cel worden gegooid en met een hoge boete aan hun broek weer vrij worden gelaten.

Als we in die situatie zitten dan zou ik zeggen: laten we een nationaal debat over het onderwijs en over de hele publieke sector (voeren).
Ik citeer ook Tjeenk Willink in mijn essay. We hebben de publieke sector, dus onderwijs en zorg, grosso modo uitgehold. Het is tijd om dat te herstellen, om daar absoluut herstelwerk te gaan verrichten en vervolgens te gaan investeren. En dan mag je hopen dat mensen weer gaan lezen, dat mensen weer gaan nadenken, dat mensen zich weer goed laten informeren.

Lex Bohlmeijer:
Zich weer tot de wereld richten, zou je kunnen zeggen, zich niet ervan afkeren en in gesprek tot elkaar en de wereld ...

Joke Hermsen:
Precies. En dan kom je bij een belangrijk begrip van Hannah Arendt en Rosa Luxemburg, dat is die amor mundi. Het is die betrokkenheid op de wereld. Wat Hannah Arendt laat zien in haar analyse, van elke keer als er een totalitair regime ter linker- of rechterzijde in het zadel kwam, is dat de amor mundi, dus de betrokkenheid op de wereld, en de verantwoordelijkheid voor de wereld, op dat moment bij de bevolking nihil was.

Door armoede, door oorlogen en door wat voor toestand dan ook.

Nu is die nihil, zou je kunnen zeggen; door werkdruk, door stress, door bezuinigingen, door allerlei factoren die we moeten onderzoeken, maar als die betrokkenheid op de wereld verloren gaat dan mondt die - en ze gebruikt hetzelfde woord als Luxemburg - uit in barbarij.

Dus, de keuze is op dit moment qua milieu, qua klimaat, qua aarde en qua menselijkheid van de wereld niet zo heel moeilijk, lijkt me.

Nee, serieus niet en ik ben eigenlijk blij dat ik in het essay misschien een kleine duit in het zakje mag doen, dat steeds meer mensen zich dat realiseren en dat ook steeds meer mensen naar die demonstraties komen, want daar begint het mee. Dat laat Rosa Luxemburg als geen ander zien, hoe verheffen we onze stem? Door de straat op te gaan, je bij demonstraties aan te sluiten, je politiek te organiseren, en je te oefenen in het nee zeggen tegen een gewetenloos of een anderszins slecht beleid.

Dus we moeten de straat op, Lex! Er zit niks anders op.

Lex Bohlmeijer:
Ik ga mee. Ik ga mee. Je hebt me volkomen overtuigd. Ik ga mee, ook al wil ik hier ook nog een momentje blijven zitten.

Opmerking
Dit gesprek werd opgenomen in februari, op een van de twee zomerdagen (de 26 of 27e). Heer en dame zaten die dag heerlijk in de zon, op een bankje. Lex wilde nog wel even nagenieten.

(dinsdag 12 maart 2019)
Hans van Duijnhoven

Homepage citaten