Wij, Varkenland - Zijn monoloog zou weleens belangrijker kunnen zijn voor inzicht in de voedselsector dan veel dierenactivisten menen te kunnen bereiken: hij is open, charmant, belangstellend en niet vooringenomen.

Zijn monoloog zou weleens belangrijker kunnen zijn voor inzicht in de voedselsector dan veel dierenactivisten menen te kunnen bereiken: hij is open, charmant, belangstellend en niet vooringenomen.



In april 2015 hield Jan Rotmans op verzoek van de Bossche bibliotheek een lezing over hun jaarthema: Tijd. En deze hoogleraar transitiekunde is dan niet te beroerd om zijn 'standaard' verhaal zodanig aan te passen dat enerzijds zijn centrale boodschap (dat we midden in een transitiefase leven) overeind blijft en anderzijds de organisatoren tevreden op zijn optreden kunnen terugkijken (want hij noemt het woord 'tijd' verschillende keren).

Door omstandigheden had ik pas vorige week de tijd om de opname van deze avond te bekijken. Een college van zeventig minuten. De vragen na afloop ontbreken. Een consistent verhaal. Een uur dat voorbijvliegt. Iedereen die wel eens een lezing van Jan Rotmans heeft meegemaakt zal er elementen in herkennen. 

Ik moest gisteravond aan deze opname denken. Kort nadat ik de voorstelling Wij, Varkenland van Lucas De Man in De Blauwe kei in Veghel had gezien. Een voorstelling die, zoals hij na afloop in de coulissen vertelde, al sinds 2012 wordt opgevoerd. Op verschillende plekken in België en Nederland. En deze maand ergens in Londen. Ik dacht aan een bepaalde slide uit de powerpoint van het verhaal van Jan Rotmans in Den Bosch. Op die slide staan drie woorden: systemisch, organisatorisch en persoonlijk.

Romantiek
Wij, varkenland is een solo-voorstelling; alhoewel er op de vlakke vloer ook een assistent rondloopt die af en toe 'meedoet' (requisieten herschikt, een muziekje aanzet, in een bak aarde met zijn handen woelt). Lucas De Man speelt de zoon van een varkensboer die na een flink aantal jaren rondzwermen terugkeert naar het bedrijf van zijn vader, dat inmiddels door zijn enige broer is overgenomen. Deze Jan runt dat varkensbedrijf inmiddels alweer vele jaren met zijn Jannie. Lucas speelt Stijn, de broer die feitelijk niet deugt; ongeschikt was voor het boerenland. Romantische ideeën had en heeft over wat in het leven belangrijk is. Zich in zet voor het 'goede' en - zo gaat het verhaal - samen met zijn compaan (varkentje Ivo) de wereld rondtrekt. Om goed te doen. Zoals Ivanhoe, de legendarische ridder van de ronde tafel van koning Arthur, maar vooral bekend geworden door de vertolking van Roger Moore in de legendarische televisie-uitzending uit de jaren zestig. Lucas vertelt in een bijzin dat die serie in zijn jonge jaren op de Belgische televisie werd heruitgezonden. De voorstelling begint niet voor niets met enkele romantische natuurbeelden (van Caspar David Friedrich) en je hoort (?) Dietrich Fischer-Dieskau die Der Wanderer van Franz Schubert zingt. 

Systeemwereld
Terwijl Stijn met Ivo (de afkorting van Ivanhoe) de wereld rondtrekt (wandert) en bezig is met het 'goede' moet zijn broer Jan zorgen dat zijn varkensbedrijf blijft bestaan. Die broer begon in een tijd dat het nog loonde om als keuterboer de kost te verdienen. Maar ongeveer dertig jaar geleden kwamen in die sector ook andere economische wetten op; gingen overheersen. En in enkele jaren werd hij een slaaf van het systeem. Een systeem dat hem dwong om te blijven investeren, uitbreiden en wegen in te slaan die hij noch zijn vader ooit hadden kunnen bedenken.

Wij, Varkenland is een triest verhaal. Mensen die met hart en ziel bezig willen zijn met een bepaalde bezigheid (varkens opkweken voor de slacht) worden gedwongen wegen in te slaan die hen berooft van al wat hen dierbaar is. Aan het eind van de relatief korte voorstelling speelt Lucas De Man broer Jan die aan zijn broer Stijn uitlegt hoe het hem de laatste jaren is vergaan. Jaar na jaar heeft hij zijn bedrijf uit moeten breiden, nieuwe technieken invoeren, nog meer geld lenen van de bank. Totdat 'de markt' in elkaar klapt, hij zijn schulden niet meer kan afbetalen, zijn vrouw Jannie wegloopt en hij op het punt staat zelfmoord te plegen. Hij wordt gelukkig 'gered' en kan voor een grote kumpanie, die zijn bedrijf en schulden overneemt, als loonslaaf op zijn eigen bedrijf blijven werken. Een happy end? Duidelijk niet. Jan is gedesillusioneerd. Slaat echter niet wild om zich heen. Maar ondertussen heb je als toeschouwer wel met hem te doen. Jan is overduidelijk het slachtoffer van de omstandigheden. En het heeft niet zo veel zin om dit of dat 'de schuld' te geven. Waarom niet? Het is immers het systeem!

Ons systeem
Lucas De Man laat overduidelijk zien dat varkensboer Jan slachtoffer is van de omstandigheden, de tijd waarin hij en wij leven. Een wereld waarin 'het systeem' niet deugt; of beter geformuleerd: het systeem werkt wellicht tot op zekere hoogte (want er wordt nog steeds veel varkensvlees geproduceerd en door sommigen winst gemaakt) maar het is maar zeer de vraag of dit systeem wel deugt. In dat systeem van de varkensboeren lopen veel partijen rond die allemaal hun eigen rol spelen. En elk van hen doet dit vanuit hun eigen (deel)belang en wat zij doen klopt op zich. Maar aan de andere kant: iets wringt er. Het deugt niet. Het systeem klopt niet. Of anders geformuleerd: het systeem zit vast. Is in de loop van de tijden geperverteerd geraakt. Zodanig dat een varkensboer met liefde voor zijn beesten niet langer de kost kan verdienen en 'lekker' bezig zijn. Tegelijkertijd gaat dit ook op voor de andere partijen in deze branche: de banken, mengvoederbedrijven, omwonenden en consumenten. Het is een systeemcrisis. Systemisch

Seen before?
Wij, Varkenland doet sterk denken aan een heel andere toneelvoorstelling: Door de bank genomen van 'De verleiders'. Een vijftal acteurs die scènes naspelen uit de financiële wereld. Een systeem dat ook vastgelopen is. Enerzijds nog steeds werkt (kijk naar de cijfers, onze output!) maar tegelijkertijd werkt het niet meer. Dezelfde 'club' speelt ook Slikken én stikken, over een andere vastgelopen systeemwereld (onze zorg).

Overal zie je om je heen systemen die zijn vastgelopen. Van de ene kant nog wel werken (want er wordt omzet en winst gemaakt) maar aan de andere kant wéten veel mensen (consumenten, werknemers) dat hét niet meer werkt. Zielloze systemen zijn geworden. Waar lulkoek producten en diensten worden geproduceerd en cijfers vooral verhullen dat er iets zin- en zielloos wordt gedaan. Overal lopen systemen vast. Zitten deelnemers er als het ware in gevangen; niet in staat er een andere, veel positievere draai aan te geven. Bullshit banen zou Rutger Bregman zeggen. Stijn noch Jan hebben het over rendementsdenken of een op hol geslagen neoliberaal systeem, maar het zit er impliciet allemaal wel in. Het is een grote oproep - aan ons allen - om met elkaar in gesprek te gaan over een 'ander' systeem. Wat delen we met elkaar? Dan komen we vanzelf toe aan de andere twee woorden uit de toespraak van Jan Rotmans: organisatorisch en persoonlijk. Het heeft niet zo veel zin om daar mee te beginnen. 

Dromers
Gelukkig zijn er altijd mensen die kritisch zijn. Vragen stellen. Dingen anders willen gaan doen. Mensen die door degenen die nog steeds geloven in 'hun' systeem (zich niet voor kunnen stellen dat dat systeem ooit weg- of om zou kunnen vallen) weggezet worden als fantasten, idioten of revolutionairen. Toch zijn er in elk systeem mensen die zich zodanig opstellen. Hinderlijke vragenstellers. Mensen binnen het systeem dilemma's voorleggen. Broer Stijn is zo'n type. Alleen is Lucas De Man zo slim om hem als een romantisch type neer te zetten. Die waarschijnlijk niet veel voor elkaar zal krijgen. Aan het eind van de voorstelling zie je hem met zijn houten zwaard vechten. Niet tegen windmolens, maar de verwijzing naar een bepaalde ridder uit het Spaanse boerenland is overduidelijk. Op dat moment betrekt ook weer het toneel. Net als in het begin van de avond trekt de nevel op. Mist die alles versluiert, verzacht. Mist die op andere momenten in het werk van Lucas De Man ook zo'n rol speelt.

Recensie 
Op 14 november 2014 schreef Kester Freriks in de NRC over deze voorstelling (Indringende solo over varkensboer in nood). Hij sluit zijn recensie als volgt af:

Een voorstelling als deze is belangwekkend, net zoals bijvoorbeeld de film Our daily bread (2007). We krijgen inzicht in de klemmende positie van een varkensboer. Dat zij in groten getale aanwezig zijn, zowel in de Nederlandse als Vlaamse theaters, maar ook in buurthuizen en speciaal afgehuurde zalen, betekent dat de acteur inhoudelijk kwalitatief goed werk verricht. Zijn monoloog zou weleens belangrijker kunnen zijn voor inzicht in de voedselsector dan veel dierenactivisten menen te kunnen bereiken: hij is open, charmant, belangstellend en niet vooringenomen. Hij wil weten en is gefascineerd door alle aspecten van het boerenbedrijf, daardoor geeft Wij, Varkenland een rijk, caleidoscopisch en vooral dramatisch-ontroerend beeld

In het voorjaar van 2016 speelde Lucas De Man deze voorstelling in Helmond.
Het ED schreef er over: Begrip bij boer én buur belangrijk 

Website Stichting Nieuwe helden

Artikel over Lucas De Man: We staan net als toen voor grote veranderingen. Moeten op zoek naar nieuwe vormen van samenleven, van economie, van democratie. (maart 2016)

(zondag 8 mei 2016)
Hans van Duijnhoven

Homepage citaten