Een lastig woord
Afgelopen donderdag gebruikte ik tijdens een bijeenkomst - waar medewerkers van de samenwerkende Noord Oost Brabantse Bibliotheken met elkaar spreken over gelezen boeken - achteloos het woord meritocratie. En had meteen het gevoel dat dit woord niet bij iedereen viel.

Opmerkelijk, want - als je er op let - lees en hoor je het continu. Tegelijkertijd ook begrijpelijk: het woord wordt in de meeste kranten en tv-programma's niet zo vaak gebezigd. Is een typisch woord voor Buitenhof of Tegenlicht, programma's waar - tja: hoe zeg je dat? - niet iedereen naar kijkt. Misschien vooral mensen die deel uitmaken van die meritocratie.

Dat voorval zat in mijn hoofd ...

Nog zo'n woord
toen ik op vrijdag een artikel op de website van The Guardian las. Daar werd een ander woord gebezigd: plutocratie. En voor dat woord geldt hetzelfde: niet iedereen kan het meteen plaatsen. 

Fightback against the billionaires: the radicals taking on the global elite is een (lang) verslag van een gesprek van drie mensen die zich zéér kritisch uitlaten over plutocraten. Een van hen is de Nederlandse historicus Rutger Bregman. De andere twee zijn bij ons minder bekend, maar dat zal veranderen. Oxfam-directeur Winnie Byanyima zat enkele weken geleden samen met Rutger in een panel tijdens het World Economic Forum in Davos.

Een kort filmverslag daarvan ging, zoals dat heet, viral. De derde was schrijver Anand Giridharadas, van wie onlangs het opmerkelijke boek Winners Take All: The Elite Charade of Changing the World verscheen. Ik vermoed dat er een Nederlandse vertaling zal verschijnen.

 


En diezelfde dag zag ik iets later een nu al legendarisch filmpje van vijf minuten. Alexandria Ocasio-Cortez, het Amerikaanse congreslid, ondervraagt daarin verschillende deskundigen en toont bijna achteloos aan dat het grote geld de Amerikaanse politiek als het ware 'in haar zak' heeft. Ook zij heeft het over plutocraten, maar gebruikt dat woord niet. Ze refereert ook aan andere woorden die in het verlengde van dit alles liggen. Woorden die u de komende jaren vaker zult gaan horen. 


Tijd voor een korte update

Hieronder enkele woorden die in elkaars verlengde liggen, maar toch nét iets anders betekenen of zijn. Het is geen uitputtende lijst. En er valt veel meer over te zeggen dan u hieronder kunt lezen.

Alle woorden die ik noem kunt u gemakkelijk googlen of op Wikipedia opzoeken. Ik zal daarnaar verwijzen, maar ook proberen ze te 'vertalen' naar 'onze tijd' en waar mogelijk te verwijzen naar relatief recent verschenen boeken. Boeken waarin schrijvers zich uitspreken over een samenleving waarin meritocraten, plutocraten en andere belangrijke en machtige mannen (en heel af en toe vrouwen) (weer meer) aanwezig zullen zijn. Want dat is een van de eerste 'lessen': nog niet zo heel lang geleden leefden er andere plutocraten en mensen die om wat voor reden dan ook in hun tijd 'bijzonder-der' waren dan andere, meer gewone mensen. En daarom recht hadden op meer voorrechten, welvaart, macht et cetera. 

Alle woorden hebben te maken met hoe binnen een samenleving 'de macht' wordt verdeeld en uitgeoefend. Ogenschijnlijk leven we in Nederland en een groot deel van 'het Westen' in een democratie, maar helaas kun je zonder al te veel moeite tendensen ontwaren die daar haaks op staan.

MERITOCRATIE
In een meritocratie hebben mensen die het 'gemaakt' hebben het voor het zeggen. Ze hebben als het ware door hun 'merit' een bijzondere positie gekregen (of verworven) en zijn zeer invloedrijk. Ze hebben het 'verdiend'. Daarom trekken zij aan de touwtjes - in politiek en bedrijfsleven. Meritocraten gaan er van uit dat hun succes aan hen zelf en niemand anders ligt én dat ze het daarom ook verdienen om 'aan de touwtjes' te mogen trekken. Zij zijn immers de slimsten en de 'besten'.

Critici werpen hen vaak voor de voeten dat hun succes voor een groot deel te maken heeft met geluk en dat zij meer oog moeten hebben voor de 'normale' burgers die hen als het ware hebben gemaakt tot wat zij zijn. In dit verband wordt ook wel gesproken over scenius.

Negatief gesteld zijn meritocraten leden van een elite die, losgezongen van de werkelijkheid, lekker onder elkaar bepalen in welke richting een samenleving zich zou moeten ontwikkelen. In een meritocratie regeren anders gezegd de slimme én succesvolle inwoners over de rest. Dat staat echter haaks op one man,one vote én invloed. 

De motor achter dit alles
Ons onderwijssysteem is feitelijk de motor achter een meritocratie. Dit systeem produceert jaarlijks hele cohorten slimme mensen. Die uitstromen naar de centra van macht en invloed: politiek, bedrijven, instellingen en organisaties. Een vervelend bij-effect hiervan is dat die slimme jongens en meisjes elkaar vaak tegenkomen; wat leidt tot verbintenissen waaruit (nog?) slimme(re) kinderen worden geboren.

Een meritocratisch systeem versterkt zichzelf en de 'kloof' tussen de 'elite' en de rest van de samenleving wordt (daardoor steeds) groter en kan vaak slechts door bruut geweld 'bijgestuurd' worden. De gele hesjes en andere protestachtige oprispingen hebben hier deels mee te maken. "Zij begrijpen ons niet (meer)!" is een veelgeuite opmerking. Dat veel critici zich niet tegen deze elite keren, maar de slachtoffers van dit systeem tot zondebok en oorzaak van 'alles' benoemen is iets anders.

Die slimme mensen krijgen vaak het verwijten dat ze niet openstaan voor kritiek. Ze denken echt dat zij het beter weten. 

Maar wat is het probleem als een samenleving door slimme, hoogopgeleide mensen wordt geleid?
Die nemen tóch de beste beslissingen, want gebaseerd op kennis, inzicht, wijsheid? Helaas is dat niet voldoende. Een vervelend bijverschijnsel van een meritocratische samenleving is dat de leden ervan als het ware in hetzelfde verhaal (gaan) geloven. Ze geloven op zeker moment bijna allemaal in meerdere of mindere mate dat een samenleving op een bepaalde manier geleid moet worden. Ze staan niet meer open voor andere geluiden. Zetten die weg als populistische oprispingen of inzichten die gebaseerd zijn op de verkeerde analyses.

In het Westen geloven bijna alle meritocaten sinds een jaar of veertig 'heilig' in de zegeningen van  de markt. Die zal bijna alles oplossen, mits we haar haar gang laten gaan. Sinds het begin van de jaren tachtig zijn daarom in heel veel landen door de staat geleide sectoren verkocht, hebben werkgevers veel meer vrijheden gekregen, zijn belastingen voor bedrijven massaal verlaagd, studiebeurzen afgeschaft et cetera. De meeste partijen ondersteunden dit. In Nederland steunde zelfs Groen Links het afschaffen van de studiebeurzen en de PvdA deed actief mee om Nederland tot een belastingparadijs te maken. De Socialistische Partij stemde vaak als enige tegen dit soort aanpassingen en werd keer op keer weggezet als een partij die 'het' niet begreep.

Er was eens
Nog niet zo heel lang geleden was onze samenleving veel minder meritocratisch. Probeerden mensen aan de top iedereen mee te nemen, zich te laten ontwikkelen. De tijd van de volksverheffing, waarin iedereen bijna gratis levenslang kon studeren, zich ontwikkelen. Die tijd is voorbij. Kees Vuyk, een Nederlandse filosoof en psycholoog, schreef er een belangwekkend boek over: Oude en nieuwe ongelijkheid : over het failliet van het verheffingsideaal. Dat terecht de Socrateswisselbeker 2018 kreeg, voor het beste filosofieboek van dat jaar.

Ook Paul Verhaeghe, een Belgisch hoogleraar klinische psychologie en psychoanalyse, bezigt het woord regelmatig. Lees: Identiteit (uit 2012) of Intimiteit (2018). Een andere Belgische wetenschapper die genoemd moet worden: Dirk De Wachter. Lees bijvoorbeeld zijn Borderline times : het einde van de normaliteit uit 2012.

PLUTOCRATIE
In een plutocratie hebben de rijkste mensen het globaal voor het zeggen. Niet dat zij zelf in regering of parlement (hoeven te) zitten, maar zij hebben 'geregeld' dat ministers en parlementsleden beleid voeren dat hen welgevallig is. Het bijna geniale filmpje van Alexandria Ocasio-Cortez (AOC) toont aan dat plutocraten in de Verenigde Staten bijna ongestoord hun gang kunnen gaan. Dat wil zeggen: dat je daar politici als het ware kunt 'opkopen' en hen beleid laten voeren dat goed is voor 1% van de 1% rijkste Amerikanen. Ze noemt bedrijven uit de fossiele energiehoek (kolen, gas en olie), ziektekostenverzekeringsbranche, big pharma (bedrijven die 'pillen' maken').

Jan Kuitenbrouwer noemt in zijn recent verschenen boek Datadictatuur : hoe de mens het internet de baas blijft the Frightful Five. Vijf grote Amerikaanse bedrijven (Amazon, Apple, Facebook, Google & Microsoft) die bijna ongestoord hun gang kunnen gaan op het internet. Regeringen staan ogenschijnlijk machteloos. Ze zijn zo machtig dat een enkel land amper wetgeving kan implementeren die hun macht ietwat inperkt. 

Plutocraten zijn natuurlijk mensen, denk aan Bill Gates, Jeff Bezos, Mark Zuckerberg of Carlos Slim. Ze werden natuurlijk zo rijk en machtig door de bedrijven die ze voor een groot deel in bezit hebben en aansturen. Maar ze hebben medewerkers nodig die hen zogezegd helpen om ministers en parlementsleden te laten doen wat zij willen: lobbyisten.

Plutocraten en lobbyisten hebben elkaar nodig. Die in de spreekwoordelijke achterkamertjes voor hen proberen aankomende wetgeving bij te sturen, dan wel bestaande wetgeving af te zwakken of te laten verdwijnen.

Burgers hebben er amper zicht op, maar in alle grote machtscentra ter wereld (van Den Haag tot Washington, Berlijn tot Beijng) lopen lobbyisten rond. Het is een erkend beroep. En waarschijnlijk zijn ze voor een groot deel ook nodig. De bibliotheeksector heeft - vermoed ik - ook iemand in Den Haag rondlopen. Maar dat zijn natuurlijk peanuts.

Voor 'het grote geld' zijn waarschijnlijk honderden tot duizenden lobbyisten bezig. Zelden krijgen burgers echter zicht op wat zich achter de schermen afspeelt. Een recente uitzondering was het voorstel van het huidige kabinet om de dividendbelasting af te schaffen. Zonder enige twijfel op aandringen van enkele grote multinationals; en de politici lieten zich als loopjongen gebruiken. 

Crysthia Freeland schreef er in 2013 over: Plutocraten; de opkomst van de superrijken en het achterblijven van de rest. De Belgische politicus Peter Mertens had het er in 2016 in zijn Graailand : het leven boven onze stand ook over. 

OLIGARCHIE
In een oligarchie regeert een klein clubje bevoorrechte personen een land. En die hebben natuurlijk in eerste instantie alleen oog voor hun eigen belangen. Leden van dit bevoorrechte gezelschap hoeven (in het begin) niet per definitie heel rijk of heel machtig te zijn, maar door deel uit te maken van dit besloten gezelschap krijgen ze wel veel macht en (op termijn) verwerven ze veel inkomen en vermogen.

Het verschil tussen plutocratie en oligarchie is dun. Maar in beide systemen komt het op hetzelfde neer: zij strijken het gros van de revenuen op die een samenleving voorbrengt. Voor de 'normale' burgers resteren de spreekwoordelijke kruimels. Het huidige Rusland wordt door veel deskundigen als een oligarchie gezien; of Saoedie Arabië. De Verenigde Staten krijgen ook steeds meer oligarchische trekken. 

Michail Chodorkovski (1963), een Russisch ondernemer, maakte een tijdje deel uit van de Russische oligarchie. Op zeker moment viel hij, om nog steeds onopgeloste redenen uit de gratie, werd veroordeeld en vluchtte op zeker moment naar Londen. In Bajesvolk uit 2014 doet hij zijn relaas. Journalist Timothy Snyder beschrijft dit soort tendenzen in zijn in 2018 verschenen De weg naar onvrijheid : Rusland, Europa, Amerika.

KLEPTOCRATIE
In een kleptocratie regeren mensen die slechts op één ding uit zijn: hun eigen portemonnee. Het is een land waar de dieven regeren. Rusland heeft er veel van weg. De meeste dictatoriaal geleide landen hebben vaak kleptocratische trekken. Het recentste voorbeeld lijkt op dit moment Venezuela. De Chinese partijleider Xi Jinping slaagt er ogenschijnlijk tot nu toe in om kleptocratische tendensen onder controle te houden. 

Beroemde kleptocraten waren ondermeer Ferdinand Marcos, Soeharto en Mobuto. Sommigen roepen Vladimir Poetin tot de grootste, nu nog levende kleptocraat uit. Lees: De nieuwe tsaar : de weergaloze opkomst en heerschappij van Vladimir Poetin van Steven Lee Myers (uit 2015) of De man zonder gezicht : de macht van Vladimir Poetin van Masha Gessen (uit 2012).

De Noorse schrijver Stein Morten Lier portretteert in zijn roman De grote slag een Russiche econoom die in de tijd van Gorbatsjov schathemeltjerijk wordt. Citaat uit een recensie: "Langzaam aan gaat de Glasnost via Kleptocratie over in Maffiocratie".

ARISTOCRATIE
In een aristocratie regeren de aanzienlijksten van een land of gemeenschap. Deze aristocraten doen dat (bijna) om niet; doen het omdat ze het nodig vinden. Een ander kenmerk is dat vaders hun nobele werk doorgeven aan hun zoons (en minder vaak aan hun dochters). Zo geformuleerd is het een prima manier, nietwaar? Het grote punt is natuurlijk dat zo'n regeringsvorm haaks staat op een democratie, waarin iemands afkomst er volstrekt niet toe doet. In een democratie kan iedereen uitverkozen worden om een tijdje (vooral dat: tijdelijk) het land of iets anders te leiden. Niet als een dictator, maar eerder samen met andere uitverkozen burgers.

Een aristocratisch systeem leidt op termijn onvermijdelijk tot inteelt. In veel landen zitten nog steeds fragmenten van dit aloude systeem. In Nederland is dat natuurlijk het koningshuis. Met als gevolg dat we niet alleen 'opgescheept' zitten met een koning en koningin, hun kinderen maar vooral allen die deel uitmaken van hun brede familie. "We komen er nooit vanaf!"

Een aristocratisch systeem is echter voor veel 'onderdanen' een fascinerend geheel. Velen zwelgen in hun koningshuis, in hun glorie. En willen onder geen beding dat hen dit sprookje wordt afgenomen. In de praktijk lijkt het alsof een koninklijk staatshoofd er vooral voor de sier en de lintjes zit; achter de schermen oefenen ze echter nog steeds invloed en macht uit. De link met meritocraten ligt voor de hand. Alhoewel de koning ook regelmatig de hand van plutocraten, oligarchen, ja zelfs kleptocraten schudt. 

Waarom deze woorden actueel zijn?
De oproep van Rutger Bregman in Davos richting de rijken van de aarde om te stoppen met massaal belasting ontduiken én het betoog van Alexandria Ocasio-Cortez zijn slechts twee van vele voorbeelden dat de tijdgeest aan het kantelen is.

Veel (?) mensen beginnen vraagtekens te zetten bij een wereld waarin (volgens Oxfam) 26 burgers evenveel vermogen hebben als de armste helft van de wereldbevolking. Waar grote bedrijven regeringen met vertrek chanteren als zij ... Een Amerikaanse president in feite alleen opkomt voor de belangen van zijn rijke sponsoren en zichzelf. In Frankrijk al maanden lang gele hesjes optrekken en een eerlijker deel van 'de koek' opeisen. Ruim vijftig jaar na de roerige meimaanden roert nieuw oproer. 

De hooivorken komen
Een plutocraat waarschuwde ervoor. Al in 2014 hield een Amerikaanse miljardair (een plutocraat) zijn mede ultrarijke maten voor dat ze op moeten passen. De trend dat het gros van de opbrengsten die een samenleving opbrengt, in hun zakken terecht komt, moest gestopt worden. Hij verwees naar de Franse revolutie van 1789. Toen het gepeupel met hooivorken optrok en de aristocraten, plutocraten, oligarchen en kleptocraten van die tijd te grazen nam. Bijltjesdag.

Nick Hanauer waarschuwde er in een TEDtalk voor: Beware, fellow plutocrats, the pitchforks are coming. Conclusie: er is niet naar hem geluisterd. 

 


Artikel: Hooivorken - Beware, fellow plutocrats, the pitchforks are coming (augustus 2014)

Enkele niet vertaalde boeken
Ronald P. Formisano. Plutocracy in America: How Increasing Inequality Destroys the Middle Class and Exploits the Poor (2015)
Dale L. Johnson. Social Inequality, Economic Decline, and Plutocracy : An American Crisis (2017)
Milford Wriarson. The American Plutocracy (2015)
Richard Collier. The Great Symbol: Autocracy Plutocracy Democracy (2018)
John Calvin Reed. The New Plutocracy (2013)
Sam Pizzigati. The Rich Don't Always Win: The Forgotten Triumph over Plutocracy that Created the American Middle Class, 1900-1970 (2012)
Anand Giridharadas. Winners Take All: The Elite Charade of Changing the World (2018)

Ron Formisano. American Oligarchy: The Permanent Political Class  (2017)
Luke Mayville. John Adams and the Fear of American Oligarchy (2016)
# - Beyond Oligarchy : Wealth, Power, and Contemporary Indonesian Politics (Edited by Michele Ford, Thomas Pepinsky, Thomas B. Pepinsky)
Jim O'Reilly. Capitalism as Oligarchy: 5,000 years of diversion and suppression  (2016)
Jay Cost. The Price of Greatness: Alexander Hamilton, James Madison, and the Creation of American Oligarchy (2018)
Robert Michels. Political Parties : A Sociological Study of the Oligarchical Tendencies of Modern Democracy (1966)
Ferdinand Mount. The New Few: Or a Very British Oligarchy (2012)
David E. Hoffman. The Oligarchs: Wealth And Power In The New Russia (2011)

Jack London. The Iron Heel (1907) (de eerste dystopische roman, over een oligarchie)

Karen Dawisha. Putin's Kleptocracy: Who Owns Russia? (2015)
Oliver Bullough. Moneyland: The Inside Story of the Crooks and Kleptocrats Who Rule the World (2019)

Winner takes all
Anand Giridharadas schreef vorig jaar Winner takes all : The Elite Charade of Changing the world. Die titel (de winnaar krijgt alles) is een korte samenvatting van dit artikel. We leven in een wereld waar de winnaars meer krijgen dan de 'verliezers'. De winnaars hebben het verdiend. Hebben immers harder gewerkt. Hun geld erin gestoken. Ik vermoed dat de discussie daar de komende jaren over zal gaan. Hebben ze het inderdaad verdiend? En zo nee, wat dan?

In een wereld waarin we om allerlei redenen op zoek moeten naar een ander, voor iedereen werkend economisch model zal dit een van dé vragen zijn: hoe verdelen we de pot? Blijven we accepteren dat meritocraten, plutocraten, oligarchen, kleptocraten, en aristocraten meer krijgen dan de rest? Of bedenken we manieren om onze samenlevingen bij te sturen. Ook om onze democratieën overeind te houden. Alle genoemde varianten staan daar in meerdere of mindere mate haaks op. 

De waarde van alles
Het eerste is geschreven door een Engels-Italiaanse econoom, Mariana Mazzucato. Feitelijk zijn het twee boeken, die elkaar aanvullen. In haar eerste boek (De ondernemende staat : waarom de markt niet zonder overheid kan) poneert ze dat veel bedrijven en hun CEO's erg rijk zijn geworden door technologie te gebruiken die met publiek geld is ontdekt. Steve Jobs, voor veel mensen hét icoon van een selfmade man, leende voor zijn iPods, iPads en iPhones massaal technieken die door overheidsinstellingen werden ontdekt. Die technologieën stopte hij heel slim in prima apparaten en werd er erg rijk mee. Het hielp ook dat zijn Apple amper belasting betaalde, waarmee nieuw onderzoek gefinancierd had kunnen worden.

In haar tweede boek (De waarde van alles : onttrekken of toevoegen aan de wereldeconomie) borduurt ze op het eerste voort. Hier betoogt ze dat we als samenleving veel vaker de vraag moeten (gaan) stellen of bedrijven waarde toevoegen aan de samenleving ('worden we er beter van'), dan wel er aan onttrekken. Is dat laatste het geval, dan zal er opgetreden moeten worden. Wetgeving. Voorbeeld? Een big pharma bedrijf dat van de ene op de andere dag de prijs van een bijzondere pil honderd keer zo duur maakt.

De waarde van alles is een prima boek om een maatschappelijk debat te beginnen.


Amoreel? Immoreel?
Joris Luyendijk maakt zich in zijn in 2015 verschenen Dit kan niet waar zijn : onder bankiers geen illusies over de moraal van velen aan de top. De meesten daar doen zelden dingen die volgens de wet niet mogen of kunnen. Kleptocraten wel, de anderen niet. Althans niet zichtbaar. Maar allemaal zoeken ze alle gaatjes op om binnen de wet het optimale resultaat voor henzelf of hun broodheren te realiseren. Amoreel of immoreel, that's the question.

Ewald Engelen bedacht voor deze gaatjeszoekers annex 'slippendragers' in 2012 een term: De schaduwelite.

Artikelen: Bankiers : conformisten die zichzelf überhaupt geen vragen meer stellen over goed en kwaad. en "De vis gaat rotten bij de kop" (februari 2015)

Tot slot: een liedje
Lou Reed zong over hen in Strawman, in 1989 op zijn New York-album.

We who have so much to you who have so little
to you who don't have anything at all
We who have so much more than any one man does need
and you who don't have anything at all, ah

()
Does anyone really need a billion dollar rocket
does anyone need a 60,000 dollars car
Does anyone need another president
or the sins of Swaggart parts 6, 7, 8 and 9, ah
Does anyone need yet another politician
caught with his pants down and money sticking in his hole

 


Rutger Bregman vroeg zich in 2015 samen met Jesse Frederik af waarom vuilnismannen niet meer verdienen. Boek: Waarom vuilnismannen meer verdienen dan bankiers

Hét antwoord op die vraag is er nog lang niet, maar komt zeker op ons bord. Te veel mensen beginnen te vermoeden dat er iets schort aan de manier waarop het nu is geregeld. En zien ook in dat dit probleem niet zo veel te maken heeft met hoofddoekjes, LGBT's, zwarte piet, onze identiteit of verwarde moslims. 

Aanvulling 13 februari 2019
In Trouw staat vandaag een column van Lex Oomkes die het over 'onze' meritocratische' samenleving heeft zonder dit begrip te noemen. Titel: De diepe kloof op het Malieveld.

Aanvulling vrijdag 22 februari 2019

 

 

Aanvulling dinsdag 2 april 2019
Tijdens het voorbereiden van een presentatie kwam ik vandaag op een WikiWoorden-pagina terecht waar tientallen staatsvormen worden opgesomd. Uiteraard kwamen de hierboven begrippen ook naar voren. Verschillende andere die ik kon plaatsen, maar ook enkele die ik over het hoofd had gezien, dan wel niet kende.

Gerontocratie
Dat woord kende ik natuurlijk, maar kwam niet bovendrijven tijdens het schrijven van dit artikel. Tóch zitten er zonder enige twijfel gerontocratische elementen in onze huidige samenleving. Concreet door één partij: 50Plus, maar in de praktijk zijn er veel 'normale' Nederlandse partijen waar de belangen van 'de oudjes' meer voorop staan dan die van de jongeren. Het is echter té boud om te stellen dat 'de oudjes' het in Nederland voor het zeggen hebben, maar ze zijn wel zeer machtig. Ook omdat zij veruit het gros van ons gezamenlijk opgebouwde vermogen bezitten.

Ochlocratie
Een woord dat ik niet kende. Betekent zoiets als een land waarin 'het gepeupel' regeert. Dat kan nooit lang duren. Maar is een woord dat wellicht van pas kan komen om te helpen begrijpen wat zich in onze samenleving afspeelt.

Theocratie
Daar leven we zeker niet in. Maar is een schrikbeeld dat we op sommige landen kunnen plakken. Het betekent een land waarin 'de priesters' regeren. In naam van hun god. Denk aan Saoedi-Arabië.

Aanvulling 7 mei 2019
Op Twitter maakte Kevin Kelly zijn volgers attent op een tweet van ene Charlie Stross. Die heeft het over kakistocracy. Nooit van gehoord, maar het lijkt verdacht veel op de andere woorden die hierboven worden genoemd. Het is een bestaand begrip; op Wikipedia staat zelfs een lemma.

De eerste zin (in vertaling): Een kakistocratie is een regeringssysteem dat wordt geleid door de slechtste, minst gekwalificeerde of meest gewetenloze burgers.

Bullseye. Dat soort landen en regeringen zijn er. De meest voor de hand liggende kandidaat is momenteel de Verenigde Staten. De tijd zal het leren, maar de komende maanden zal waarschijnlijk steeds duidelijker worden dat dit woord opgaat/opging voor het Trump-regime. Tenzij hij en zijn mensen er in slagen de machten, die bezig zijn om zijn illegale activiteiten te onthullen, tegen te houden. Dan glijdt de States af naar een van de hierboven gepresenteerde varianten. Een democratie kun je het dan niet meer noemen.

Aanvulling maandag 15 juli 2019
Onlangs maakte een collega me attent op De Nationale AI-cursus. Artikel: AI is te belangrijk om over te laten aan grote techbedrijven en overheden. (juli 2019)

Vandaag volgde ik de laatste tracks van deze prettige en leerzame online cursus. In track 7 (AI en de regels) sprak initiatiefnemer Jim Stolze met enkele deskundigen over de juridische aspecten van de komst van Kunstmatige Intelligentie.

Hij bezigde op zeker moment het woord algocratie. In dezelfde aflevering sprak hoogleraar Valerie Frissen over kafkaëske toestanden die de komst van AI met zich mee kan brengen.

Maar hier gaat het over het woord algocratie, een wereld die 'geregeerd' wordt door algoritmes. Algoritmes die weliswaar gemaakt zijn door mensen, maar door het zelflerende karakter 'met ons aan de haal kunnen gaan'. Jim Stolze refereert onuitgesproken (natuurlijk) aan boeken als Homo Deus van Yuval Noah Harari. Een van zijn angstbeelden is dat die slimme systemen ons mensen op termijn 'gaan houden', zoals wij mensen nu dieren in de bio-industrie bejegenen.

In 2018 werd het begrip algocratie al gebruikt in het artikel Is uw gemeente al overgenomen door algoritmen? (Sociale vraagstukken).

(zaterdag 9 februari 2019)
Hans van Duijnhoven

Homepage citaten